“We hebben een back-up” is een van de meest geruststellende zinnen in IT, en een van de minst betrouwbare. Een back-up die nooit is getest, is in feite een aanname: je gaat ervan uit dat het werkt, maar je weet het pas zeker op het moment dat je hem nodig hebt, en dat is precies het slechtste moment om erachter te komen dat het niet lukt.
Wat er stilletjes misgaat
Back-ups falen zelden met een luide foutmelding. Veelvoorkomende, stille faalpunten: een back-upjob die al maanden misloopt terwijl niemand de meldingen leest, een back-up die wel bestanden bevat maar niet de instellingen of database die nodig zijn om een systeem echt weer werkend te krijgen, of een back-up die permanent verbonden is met het netwerk en daardoor bij een ransomware-aanval gewoon meeversleuteld wordt.
De 3-2-1-regel
Een eenvoudige vuistregel die veel van deze risico’s afdekt: 3 kopieën van je data, op 2 verschillende soorten opslag, waarvan minimaal 1 kopie extern of offline (dus niet permanent bereikbaar vanaf hetzelfde netwerk). Dat laatste is precies wat een back-up ransomware-bestendig maakt: als de back-up niet continu online en beschrijfbaar is vanaf het geïnfecteerde netwerk, kan een aanvaller hem ook niet meeversleutelen.
De hersteltest: het enige echte bewijs
De enige manier om zeker te weten dat een back-up werkt, is hem daadwerkelijk terugzetten, op een geïsoleerde omgeving, en controleren of het resultaat bruikbaar is. Dat is geen momentopname die je één keer doet en dan vergeet: systemen veranderen, back-upconfiguraties verschuiven mee, en een back-up die vorig jaar prima terugzette kan dit jaar iets missen. Dit is precies waarom we in ons Bewaker Totaal-pakket een periodieke hersteltest hebben opgenomen: niet om te controleren of het back-upproces draait, maar om te bewijzen dat je systeem er ook echt weer mee overeind komt.
Weet jij zeker dat jouw back-up terug te zetten is, of ga je op de aanname af? Wij testen het voor je, in plaats van erop te vertrouwen.